2022-004 – Klacht over het niet tijdig uitvoeren door aangeslotene van uitspraken van de Geschillencommissie

Aangeslotene heeft met uitvoering van twee uitspraken van de Geschillencommissie Financiƫle Dienstverlening (hierna: de Geschillencommissie) willen wachten totdat zekerheid was verkregen over de vraag of de wederpartij in hoger beroep zou gaan. In de uitspraken was opgenomen dat aangeslotene binnen een termijn van vier weken de uitspraak moest uitvoeren, terwijl de termijn voor het instellen van beroep zes weken bedraagt, dus twee weken langer is. De Tuchtraad kan begrijpen dat aangeslotene wilde weten of klager in hoger beroep zou gaan. De uitspraken van de Geschillencommissie hadden echter werking, omdat (nog) geen hoger beroep was ingesteld. Daarom moest aangeslotene de uitspraken binnen de termijn uitvoeren. Toen klager duidelijk had gemaakt dat de consumenten betaling wilden ontvangen overeenkomstig de beslissing in de uitspraken, is aangeslotene daartoe overgegaan. De Tuchtraad constateert dat het hier een incident betreft. De handelwijze van aangeslotene is weliswaar niet geheel juist maar de Tuchtraad beschouwt dit niet als tuchtrechtelijk verwijtbaar.

To top