Gelet op de ter zitting gevoerde discussie, de verwevenheid van de tuchtrechtelijke vragen met vragen over het materiƫle geschil en de feiten (waarover tussen partijen onenigheid bestaat), en de wenselijkheid dat partijen voortvarend met elkaar in gesprek treden, verwijst de Tuchtraad de zaak ter verdere behandeling en beslissing door naar het Klachteninstituut Financiƫle Dienstverlening.